Impliciet en expliciet geheugen: procedureel en declaratief geheugen

Het expliciete of declaratieve geheugen bevat wat je bewust kunt ophalen en zeggen – feiten en gebeurtenissen; het impliciete of niet-declaratieve geheugen stuurt wat je doet zonder dat je je iets herinnert, en de belangrijkste vorm daarvan is het procedureel geheugen voor vaardigheden. Weten waar je hebt leren fietsen is expliciet; het fietsen zelf is procedureel. Samen vormen ze het langetermijngeheugen.

Het verschil in het kort

  • Bewustzijn: expliciet herinneren voelt als herinneren of weten; impliciet geheugen werkt zonder dat gevoel.
  • Inhoud: expliciet = gebeurtenissen (episodisch) en feiten (semantisch); impliciet = vaardigheden en gewoonten, priming en eenvoudige conditionering.
  • Hersenen: het expliciete geheugen hangt af van de hippocampus en de mediale temporaalkwab; impliciete vormen steunen op andere systemen, zoals het striatum en de kleine hersenen.

De tweedeling binnen het expliciete geheugen staat op onze pagina over het episodisch en semantisch geheugen, de hele kaart in onze gids over het langetermijngeheugen.

Het procedureel geheugen

Dit is kunnen, geen weten: je strikt je veters terwijl je aan iets anders denkt, maar elke beweging beschrijven lukt nauwelijks. Het verbetert stap voor stap door herhaling, overleeft vaak jaren zonder oefening en blijft bewaard bij mensen die geen nieuwe bewuste herinneringen meer kunnen vormen. Wie als kind in Nederland heeft leren fietsen, verleert het zelden. De schaakregels kennen is semantisch, dus declaratief; het snelle gevoel voor een goede zet na jaren spelen is voor een groot deel procedureel.

Het bewijs voor twee systemen

Patiënt H.M., bij wie een groot deel van de mediale temporaalkwabben was verwijderd, kon geen nieuwe bewuste herinneringen vormen, maar leerde in tien pogingen een ster na te tekenen die hij alleen in een spiegel zag, en hield die vaardigheid drie dagen vast. In een studie uit 1996 leerden patiënten met amnesie een kanstaak normaal zonder de training te onthouden, terwijl mensen met de ziekte van Parkinson, die het striatum aantast, de training onthielden maar de taak niet leerden. Priming van plaatjes die een tot drie seconden te zien waren, was in een studie uit 2006 na 17 jaar nog meetbaar. Met de leeftijd blijft impliciet geheugen niet helemaal ongeschonden: een meta-analyse uit 1994 vond bij ouderen een iets kleinere priming (effectgrootte 0,30), maar een kleiner leeftijdsverschil dan bij herinneren en herkennen.

Impliciet geheugen en IQ

IQ-tests vragen vooral om expliciete processen, zoals het werkgeheugen, redeneren en opgeslagen kennis. Wat een IQ-score vooral meet, lees je op onze pagina over fluïde en gekristalliseerde intelligentie.

Over deze pagina

Deze pagina vat gepubliceerd onderzoek samen ter algemene informatie en is geen medisch advies: nieuwe, toenemende of zorgwekkende geheugenproblemen bespreek je met een arts, en geen enkele online test kan ze beoordelen. De IQ Revealed-test is een online redeneertest met 40 eigen opgaven voor volwassenen vanaf 18 jaar; hij is geen klinisch onderzoek en meet geen geheugen. IQ Revealed is niet verbonden aan de genoemde onderzoekers, universiteiten of tijdschriften; de namen dienen alleen om het beschreven onderzoek aan te duiden.

Veelgestelde vragen over impliciet en expliciet geheugen

Wat is het verschil tussen impliciet en expliciet geheugen?

Het expliciete (declaratieve) geheugen bevat wat je bewust kunt ophalen en onder woorden kunt brengen: feiten en gebeurtenissen. Het impliciete (niet-declaratieve) geheugen zie je terug in wat je doet, zonder het gevoel dat je je iets herinnert: vaardigheden, gewoonten en priming.

Wat is het procedureel geheugen?

Het procedureel geheugen onthoudt hoe je iets doet: fietsen, blind typen, veters strikken, een bekende route rijden. Het groeit langzaam met oefening, is moeilijk in woorden te vatten en is meestal heel blijvend. Het is de bekendste vorm van impliciet geheugen.

Wat is het declaratief geheugen?

Het declaratief geheugen is het expliciete geheugen, waarvan je de inhoud bewust kunt ophalen en beschrijven. Het bestaat uit het episodisch geheugen voor wat je hebt meegemaakt en het semantisch geheugen voor feiten en kennis.

Heeft impliciet geheugen met IQ te maken?

Veel minder dan expliciet geheugen. In een studie uit 1991 hing een expliciete probleemoplostaak sterk samen met IQ en een impliciete taak voor het leren van een kunstmatige grammatica niet. Een studie uit 2010 bij 16- en 17-jarigen vond impliciet leren zwakker verbonden met intelligentie dan expliciet leren en los van het werkgeheugen.

Waar sta jij?

Onze IQ-test is gratis te maken en duurt ongeveer 25 minuten. Het volledige rapport — score, percentiel en prestaties per denkdomein — hoort bij het lidmaatschap.

Start de IQ-test

Verder lezen